Zo. Na al positivisme van mij de laatste tijd wordt het tijd dat ik mijn core-business weer eens oppak. Dat ik weer eens ouderwets de boel ga afzeiken.
Ja, je moet een beetje uitkijken met blij zijn, voor je het weet moet je roze bloemetjes in je lay-out verwerken of van die hiep-hiep-hoera-kleren gaan dragen. U weet wel, wat van die moeders aanhebben die dingen zeggen als ‘lekker vrolijk’ en een bril met een rood montuur op hun neus hebben.
En aangezien ik een ochtendhumeur heb en keelontsteking die ik echt niet kan gebruiken, lijkt me dit een uitgelezen moment.
Een aantal dingetjes waar ik gloeiende tyfushekel aan heb. Ten eerste: dat gelul over de 11-stedentocht. Who the fok cares? Als Limburger snap ik er sowieso geen bal van. Dat dat leuk is. Om door -10 over een ijzige vlakte te gaan schaatsen. En nog erger, langs de kant te staan kijken. Met zo’n Unoxmuts.
Maar op de radio en op tv, vooral SBS6 is nogal 11-stedentocht-minded, kunnen ze er niet over ophouden. Het handje vol idioten dat daadwerkelijk geïnteresseerd is, moet het dan verpesten voor de rest van het land. Waarom beperken ze dat soort geneuzel niet tot Omroep Fryslan en laten ze ons ermee met rust? Onze hele ‘Wie wordt er Prins van D’n Uul of van De Kaketoes-discussie’ gaat godzijdank ook aan die mensen voorbij, dus ik zie niet in waarom die schaatstocht ons niet bespaard kan blijven.
Zo. Dat dus.
Nog zoiets. Mensen die steeds zeggen ‘Ik ben het zat met die sneeuw, van mij mag het ophouden’. Die hoor ik 10 keer per dag. Het is gewoon zo’n zinnetje dat mensen graag zeggen om een mening te hebben. Maar geef je jezelf niet een beetje een te belangrijke positie in het universum als je zoiets zegt?
Alsof de weergoden dat horen en denken ‘Oh, wacht effe jongens...ik hoor iets...oh! Truus uit Meppel vindt dat het nu genoeg is met de sneeuw. Kappen! Ruim de boel maar op. We dachten dat Truus het leuk vond, maar ze is het nu zat.’
Nou, ik vind het prachtig, die sneeuw, en ik weet dat het niet zo handig is, maar je kunt er toch geen fuck aan doen, dus je kunt het maar beter accepteren.
En dan tot slot. Ook iets heel irritants. Ik was gisteren op het jaarlijkse nieuwjaarsfeest/ eten/borrel-gedoe van het bedrijf van mijn partner. Dat zeggen die mensen allemaal. ‘Oh, is dat je partner?’ Omdat ze weten dat Mike gescheiden is en ze mij geen onbehaaglijk gevoel willen geven door ‘vriendinnetje’ of ‘stoeipoes’ of ‘snoepje van de week’ te zeggen.
En Mike z’n business is plastic. U mag hier in slaap vallen of afhaken. Doe ik ook altijd. En dan wordt er door de mannen echt de hele avond over plastic geluld. Heel gepassioneerd. Ik sta daar naast, zet m’n corporate wife-glimlach op. Knik af en toe begrijpend en bedenk me wat ik deze week moet inpakken voor mijn tripje naar Denemarken, welke kleur kussens ik in mijn nieuwe huis wil en wat we eten deze week.
Maar dan zijn er ook De Andere Vrouwen. Ik had dit keer het geluk dat ik naast een hele interessante dame zat die allerlei reizen had gemaakt en kortom iets te melden had.
Maar je kunt het ook treffen dat ze naast de thuisblijf-vrouw zit, die dan begint te klagen over dat haar man altijd weg is en zij alleen met de kinderen zit. En die had ik later op de avond naast me zitten. Toen ik al naar huis wilde. Ook omdat ik die keelontsteking voelde opkomen en snel aan de anti-biotica moest. En bovenal was ik nuchter. Toch al niet op m’n leukst.
En dan vraagt zo iemand je over je nieuwe baan. En dan willen ze weten wat het dan voor soort kleding is. En dan leg ik dat uit aan zo'n Esprit-trut. En je ziet gewoon dat ze er geen hol van begrijpen. Dan krijg je zo’n glazige blik. Alsof je aan mij uitlegt wat het verschil tussen sma en pvc is. Of aan een Limburger wat er zo leuk is aan de 11-stedentocht. Zoiets.
En dan toch een positieve noot, zonnetje dat ik ben: Ik mag morgen weer lekker de sneeuw in. Kleding verkopen die niemand snapt. Luisterende naar dat gezeik op de radio over die tocht.
